Revalidatie DBC's

In de sturing en financiering van de revalidatie-instellingen is de overgang naar prestatiebekostiging een belangrijk speerpunt.
Voorheen werd de productie van revalidatie-instellingen berekend volgens consulten en klinische en poliklinische revalidatiebehandeluren (RBU’s).

In 2009 zijn de Revalidatie DBC’s ingevoerd die aansluiten bij de aard van de revalidatiezorg. Behandelinzet in het kader van het behandelplan (de patiëntgerichte tijd) en de behandelvorm zijn bepalend voor een DBC. De revalidatie DBC bevat bovendien een aantal prikkels voor efficiency, zoals de klinische intensiteitsfactor en de patiëntgerichte tijd. In de productstructuur wordt een onderscheid gemaakt tussen klinische en poliklinische trajecten waarvoor aparte DBC’s met specifieke tarieven bestaan.

In 2011 is de productstructuur verder ontwikkeld om te komen
tot medische herkenbaarheid. Bepalend voor de DBC-zorgproducten zijn de verrichte inspanningen en de diagnosehoofdgroepen. 

In 2012 is de eerste stap gezet naar prestatiebekostiging waarbij de revalidatiecentra worden afgerekend op de DBC-productie. Deze overstap werd ondersteund door een driejarig transitiemodel, waarbij een schaduwbudget als vangnet fungeerde. Inmiddels is de overstap naar prestatiebekostiging gemaakt.

Op termijn is de bekostiging verder afgestemd op de individuele omstandigheden en ambities van de patiënt. Hiertoe loopt momenteel het project Behandelmodules en Bekostiging. In 2014 zijn de revalidatiebehandelingen beschreven in modules. Op 1 juli 2015 zijn de modules ingevoerd in de revalidatie-instellingen, zodat de instellingen kunnen registreren welke modules ze bij welke patiënten inzetten. In 2018 wroden de nieuwe zorgproducten ontwikkeld en in de jaren daarna worden de ICT-systemen hierop ingericht. Bekostiging via behandelmodules vindt plaats vanaf 2021.