Samenvatting richtlijn
Vanuit de Werkgroep Hersenletselrevalidatie (WHR) van de VRA nemen wij deel aan het cluster Cerebrovasculaire ziekten en zijn we betrokken geweest bij de herziening van de richtlijn Subarachnoïdale bloeding (SAB). Dit artikel gaat in op de belangrijkste wijzigingen van deze richtlijn.
Auteurs
DR. M. (MARGRIET) VAN DER WERF
Revalidatiearts Rijndam locatie Erasmus MC
PROF. DR. C.G.M. (CAREL) MESKERS
Revalidatiearts Amsterdam UMC
PROF. DR. J.M.A. (ANNE) VISSER-MEILY
Revalidatiearts UMC Utrecht
De focus binnen de huidige modulaire herziening voor de revalidatiegeneeskunde lag met name op het geven van handvatten ten aanzien van cognitieve screening en mobiliseren na een SAB, resulterend in twee nieuwe modules.
Cognitieve screening
Cognitieve klachten en/of stoornissen komen vaak voor bij patiënten na een aneurysmatische subarachnoïdale bloeding (SAB) en kunnen de kwaliteit van leven nadelig beïnvloeden. Het vroegtijdig signaleren van cognitieve problemen kan ondersteunen in goede nazorg. Tot voor kort was er geen eenduidigheid over hoe en wanneer te screenen op de cognitieve gevolgen na SAB. Ondanks de lage bewijslast, is het advies om conform advies bij patiënten na een herseninfarct, in de ziekenhuisfase op cognitieve problemen te screenen met behulp van de Montreal Cognitive Assessment (MoCA; gecorrigeerd voor leeftijd en opleiding). Bedenk hierbij dat een normale score cognitieve problemen niet uitsluit, en dat talige-, visuele/auditieve of migratieachtergrond de toepasbaarheid van de MoCA kunnen beperken. Gebruik observaties van naasten en hulpverleners en overweeg aanvullend neuropsychologisch onderzoek bij twijfel. Vroege cognitieve screening heeft beperkte prognostische waarde. Zorg daarom in de keten voor een nazorgmoment met aandacht voor de impact van SAB op dagelijkse functies waarbij de cognitieve gevolgen meegenomen worden.
Vroege mobilisatie
Vroegtijdig mobiliseren kan bijdragen aan het voorkomen van complicaties bij patiënten met een herseninfarct. Het is onduidelijk of en vanaf wanneer een patiënt met een aneurysmatische SAB veilig gemobiliseerd kan worden. De timing voor mobilisatie van deze patiënten varieert per centrum. Hoewel het bewijs beperkt is, wijzen de beschikbare studies erop dat vroege mobilisatie bij patiënten na een aSAB mogelijk een beschermend effect kan hebben tegen het ontstaan van vasospasmen en kan bijdragen aan een beter herstel op lange termijn. Mobilisatie moet op zijn vroegst 24 uur na de bloeding starten, rekening houden met de klinische conditie van de patiënt en onder zorgvuldige monitoring plaatsvinden. Er kan gestart worden met passieve mobilisatie (bijvoorbeeld veranderingen in houding) met geleidelijke uitbreiding naar actieve mobilisatie (zoals zitten en opstaan). Dit vereist een gecoördineerde actie door artsen, verpleegkundigen en fysiotherapeuten en ergotherapeuten om ervoor te zorgen dat mobilisatie veilig en effectief is. Mobilisatie moet gepaard gaan met een monitoring van vitale functies en neurologische tekenen om snel in te grijpen bij complicaties. De uitdaging bij het implementeren van deze aanbevelingen zijn 1) er is nog geen universeel protocol voor (vroege) mobilisatie na aSAB; 2) timing en individualisatie: het is belangrijk dat het moment van mobilisatie wordt afgestemd op de individuele patiënt, omdat te vroeg beginnen risico’s kan opleveren, terwijl te laat starten de voordelen van vroege mobilisatie vermindert; 3) personeel en middelen: effectieve implementatie vereist getraind personeel en mogelijk extra middelen, zoals monitoringapparatuur, om patiënten veilig te mobiliseren.
Aanbevelingen voor de praktijk
- Gebruik bij voorkeur de MoCA (gecorrigeerd voor leeftijd en opleiding) om te screenen op cognitieve gevolgen na een SAB in de ziekenhuisfase. Integreer informatie van naasten, observaties van andere disciplines voor een breder beeld van het cognitief functioneren.
- Stel binnen de zorgketen een nazorgmoment vast waarin cognitieve problemen structureel besproken worden (impact op dagelijks functioneren, werk, zelfstandigheid). Voer bij twijfel over cognitief functioneren een (kort) neuropsychologisch onderzoek uit
- Start met mobilisatie, tenminste 24 uur na bloeding bij adequate behandeling van het aneurysma, bij een klinisch stabiel beeld en op geleide van het klinisch beeld (neurologisch, hemodynamisch). Hanteer hierbij een opbouwschema: van lig-zit in bed met uitbreiding, naar bed-stoel mobilisatie met uitbreiding, na 48 uur.
- Overweeg bij ernstiger aangedane patiënten, kortere en frequentere mobilisatie.
Richtlijnendatabase
Zie richtlijnendatabase, richtlijn Subarachnoïdale bloeding.
Gerelateerde artikelen NTR
Vertaling van de classificatie voor musculoskeletale pathologie bij kinderen met cerebrale parese
Samenvatting richtlijnmodule Neuropathische pijn bij dwarslaesie
Herziene richtlijn Hartrevalidatie
Actualisering richtlijn Complex Regionaal Pijnsyndroom
Gerelateerde artikelen Revalidatie Magazine
Veiligheid managen
‘We moeten er samen aan werken’
Verantwoord declareren