Je hebt je kranig door je revalidatietraject heen geworsteld. Je hebt hard gewerkt aan je fysieke herstel, aan acceptatie en aan je mentale gezondheid. Je hebt er alles aan gedaan om je leven weer op de rit te krijgen. En dan zit je revalidatieperiode erop en moet je leren leven met het nieuwe normaal.
Dat nieuwe normaal kan lange armen hebben. De tentakels ervan slingeren om werk (of niet meer kunnen werken), relaties, vriendschappen, ouderschap, sport, hobby’s, mentaal welzijn en energie heen. Dat brengt verdriet en rouw met zich mee. Maar er is nog een andere emotie die zo nu en dan de kop op steekt: schaamte.
Dankbaar, maar toch…
Laat ik vooropstellen: ik was ontzettend dankbaar toen ik klaar was met revalideren van mijn hersenletsel. Ik had mijn leven weer wat beter op de rit. Niet zoals het ooit was, en ook zeker niet zoals ik het voor ogen had, maar het was wel weer op de rit. Dankbaarheid was en is de dominerende emotie. Maar toch knaagt er iets.
De bittere waarheid
Het is ongelooflijk hoe vaak ik de vraag krijg wat ik voor werk doe, en dat ik dan moet vertellen dat ik ben afgekeurd voor mijn vak (ik was klinisch verloskundige). Op een feestje, op het schoolplein, bij de buurtborrel. Eerst praatte ik eromheen, dat doe ik niet meer.
Soms word ik uitgenodigd voor een feest waarvoor het nodig is dat ik op voorhand mijn situatie uitleg, omdat ik niet mee kan feesten van A tot Z. Denk aan bruiloften of samen met de hele familie op vakantie gaan. Vooraf moet ik om allerlei maatregelen vragen zodat ik mee kan. Op dat soort momenten komt het naar boven: schaamte. Ik schaam me dat ik niet meer werk, ik schaam me dat ik een uitkering krijg, ik schaam me dat ik niet meer kan feesten.
Mild zijn voor jezelf
Ik vraag me af of anderen dit herkennen. Anderen die ook beperkt zijn in het leven. Want het slaat namelijk nergens op, dat besef ik me terdege. Je kunt er niks aan doen dat je ziek wordt of een ongeval meemaakt. En zelf heb je er het meeste last van. Tegen anderen zou ik dan ook zeggen dat ze niks hebben om zich voor te schamen. Dat schaamte past bij gedrag dat je bewust wel of niet laat zien. Dat het niet van toepassing is op iets dat jou is overkomen en waar jij zelf de meeste hinder van ondervindt.
Maar goed, mild zijn voor een ander is nog altijd makkelijker dan mild zijn voor jezelf. Voor mij in elk geval wel. Ik heb tijdens mijn revalidatie geleerd om lief te zijn voor mezelf en goed voor mezelf te zorgen. Maar als ik dat doe, dan schaam ik me daar ook weer een beetje voor.
Auteur