Uit groot langjarig onderzoek blijkt: door patiënten ingevulde vragenlijsten wijzen op de meerwaarde van revalidatiebehandelingen. Dat geldt niet alleen bij opname in een revalidatiecentrum, maar juist ook bij poliklinische revalidatieprogramma’s. Bovendien helpen de vragenlijsten bij het gesprek tussen arts en patiënt, vertellen onderzoeker Bianca Mourits en hoogleraar Anne Visser-Meily enthousiast.

De afgelopen tien jaar is in de zorg steeds meer nadruk komen te liggen op de ervaring van de patiënt. Eerder was er vooral aandacht voor direct meetbare resultaten voor de gezondheid – bijvoorbeeld hoe ver iemand kan lopen. Terwijl uiteindelijk iets als kwaliteit van leven meer zegt: hoe gezond voelt iemand zich en hoe tevreden is die met het dagelijks leven? In de poliklinische revalidatie is dit nog extra belangrijk, vertelt Anne Visser-Meily, hoogleraar revalidatiegeneeskunde bij UMC Utrecht. ‘Lichamelijk gaan mensen bij ons vaak niet vooruit en soms zelfs achteruit, bijvoorbeeld door een spierziekte. Het doel is dan dat ze leren hier goed mee om te gaan.’

Illustratie: Roel Seidell

Vragenlijsten toetsen in de revalidatie

De vraag hierbij is wel hoe je goed de veranderingen kunt meten die patiënten door de revalidatie ervaren. In de loop der jaren zijn hiervoor allerlei standaard vragenlijsten ontwikkeld die dan bij het begin en na de revalidatie worden afgenomen. Patiënten scoren daarop bijvoorbeeld hoe gezond ze zich voelen of in hoeverre ze angst of somberheid ervaren. Alleen is niet altijd duidelijk hoe betrouwbaar de resultaten uit deze vragenlijsten zijn en welke vragenlijsten het beste achterhalen welke veranderingen patiënten ervaren door een revalidatiebehandeling. Daarom startte acht jaar geleden met subsidie van Revalidatie Nederland en ZonMW een groot onderzoeksproject: MUREVAN, de afkorting van Meetinstrument voor Uitkomsten van REVAlidatiebehandeling in Nederland. Nu zijn de resultaten hiervan bekend.

Gedragen door hele branche

‘We zijn blij dat ontzettend veel patiënten hebben meegedaan’, benadrukt Visser-Meily, die het onderzoek begeleidde. ‘Veel revalidatie-instellingen (centra en ziekenhuizen) droegen hiervoor patiënten aan. Dat laat wel zien hoe belangrijk dit onderwerp is voor de branche. Bijzonder hierbij is ook dat bij deze studie de grootste groep patiënten thuis woonde en poliklinisch revalideerde. Onderzoek gaat vaak over het klinische traject: tijdens de opname in een revalidatiecentrum. Tijdens deze opname is de behandeling vooral gericht op zelfstandig worden in zelfverzorging en lopen. Tijdens poliklinische behandeling heb je hele andere doelen. Thuis komt het er echt op aan hoe je jezelf staande kunt houden in de samenleving en grip houdt op je leven.’

Anne Visser-Meily
Hoogleraar revalidatiegeneeskunde bij UMC Utrecht

Wetenschap aansluiten op praktijk

De uitvoering van het onderzoek was de laatste jaren grotendeels in handen van onderzoeker Bianca Mourits van het Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde Utrecht.  Zij legt uit dat de onderzochte vragenlijsten gekozen zijn in samenwerking met Stichting Revalidatie Impact, die wil bijdragen aan betere revalidatiezorg door zorgaanbieders en patiënten te informeren over de resultaten van verschillende behandelingen. ‘De stichting was zelf al bezig met het invoeren van een set vragenlijsten. Toen hebben we besloten juist deze set te toetsen, aangevuld met een paar andere veelbelovende vragenlijsten en één binnen het project zelf ontwikkelde lijst (de Self-Regulation Assessment voor het meten van eigen regie). Zo weten we zeker dat het onderzoek aansluit op de praktijk.’

Deze veranderingen betreffen de groep en zeggen dus iets over de
door de patiënten ervaren verandering na een behandeling.

Vragenlijsten pikken effect behandelingen op

Deelnemende patiënten vulden de vragenlijsten op twee momenten in: voorafgaand aan hun behandeling en zes maanden daarna. Mourits: ‘Zo konden we zien of de scores op de verschillende vragenlijsten veranderden. De resultaten laten zien dat de meeste onderzochte vragenlijsten veranderingen zichtbaar kunnen maken en dat de meerderheid van de patiënten vooruitgang ervaart op verschillende gebieden.’ Visser-Meily vult aan: ‘Deze veranderingen betreffen de groep en zeggen dus iets over de door de patiënten ervaren verandering na een behandeling. Daarmee zijn deze vragenlijsten geschikt om de kwaliteit van de zorg te meten en om bij verzekeraars en politici de meerwaarde van revalidatiebehandelingen aan te tonen.’

Inzet afhankelijk van revalidatiesetting

Bij de veranderscores valt op dat er sterke verschillen zijn tussen klinische en poliklinische patiënten. Mourits: ‘Bij klinische patiënten zie je vooral veel verschil bij vragenlijsten op het gebied van fysiek functioneren (hoe goed je kunt bewegen) en participatie (in hoeverre je dagelijkse activiteiten kunt uitvoeren). Bij poliklinische patiënten zie je juist een duidelijk effect bij vragenlijsten op het gebied van eigen regie (in hoeverre je grip hebt op het leven met je aandoening) en vermoeidheid. Het is dus afhankelijk van de setting welke vragenlijsten je het best kunt inzetten.’

Bianca Mourits, Onderzoeker
bij het Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde Utrecht

Verbeteren gesprek arts-patiënt

‘De vragenlijsten kunnen ook meerwaarde hebben in de zorgpraktijk voor individuele patiënten’, benadrukt Visser-Meily. ‘We laten patiënten na een beroerte thuis een aantal lijsten invullen. Vervolgens haakt de arts aan op de ingevulde scores om het gesprek te voeren en concrete doelen te stellen, bijvoorbeeld dat iemand weer op de kinderen wil passen. Toen we patiënten vroegen hoe ze dit ervaren hadden, gaven ze onder meer aan dat de lijsten en gesprekken geholpen hadden om beter te begrijpen waar ze last van hadden en dat ook beter uit te leggen, bijvoorbeeld aan de buren of de huisarts.’

Bijdragen aan patiëntgerichte zorg

Mourits sluit af: ‘Deze uitkomsten zijn belangrijk voor de revalidatiebranche. Hiermee tonen we aan welke vragenlijsten in welke revalidatiesetting goed bruikbaar zijn en dat revalidatiebehandelingen patiënten echt verder helpen. De afgelopen jaren hebben we de resultaten gedeeld in workshops, lezingen en artikelen. Onder andere in NTR. Ook gaan we nog een korte video maken om artsen te laten zien hoe je de vragenlijsten kunt gebruiken in de spreekkamer. Daarnaast is ons adviesrapport besproken in de wetenschappelijke raad van Stichting Revalidatie Impact en de stichting is nu bezig met een pilot om het gebruik van de vragenlijsten uit te rollen in revalidatiecentra. Zo draagt het onderzoek bij aan het leveren van patiëntgerichte zorg.’

Samenwerking
Het MUREVAN-onderzoek is financieel ondersteund door ZonMW en Revalidatie Nederland. De volgende centra werkten eraan mee: Amsterdam UMC, Basalt, CIR (Expertisecentrum chronische pijn), Heliomare, De Hoogstraat Revalidatie, Libra Revalidatie & Audiologie, Maasstad Ziekenhuis, Merem Medische Revalidatie, Revant medisch specialistische revalidatie, St. Antonius Ziekenhuis, Sint Maartenskliniek, Tolbrug Revalidatie, UMCG Centrum voor Revalidatie en UMC Utrecht Brain Center.

Auteur

Herman Heringa

Gerelateerde artikelen Revalidatie Magazine

B-STARS2: op zoek naar bewijs dat hersenstimulatie na een beroerte herstel bevordert

Kan hersenstimulatie ervoor zorgen dat mensen na een beroerte hun hand en arm weer beter kunnen gebruiken? ‘Het lijkt er…

Betere kwaliteit van leven na revalidatie dankzij revalidatie impact scores

Stel je een toekomst voor waarin behandelaars in het hele land op een elektronisch dashboard in één oogopslag zien hoe…

‘Met behulp van het Revalidatieregister kunnen we onze zorg écht verbeteren’

Het Revalidatieregister biedt een innovatieve manier om de kwaliteit van de revalidatiezorg in Nederland te verbeteren door zorgdata transparant en…

Gerelateerde artikelen Nederlands Tijdschrift voor Revalidatiegeneeskunde

Voorbereiding van naasten op de thuisrevalidatiefase na niet-aangeboren hersenletsel en dwarslaesie

Ontwerpgericht onderzoek in en mèt de praktijk Wetenschappelijk onderzoek Naasten van patiënten met verworven neurologische aandoeningen voelen zich tijdens de…

‘Blijf generalist en wees diagnose-overstijgend in je aanpak’

Tien vragen aan prof. dr. Coen van Bennekom Op 4 juni nam professor dr. Coen van Bennekom afscheid met het…

‘Geen woorden nodig’: de kracht van lotgenotencontact voor ouders van kinderen met een ontwikkelingsstoornis

Spotlight Ouders van kinderen met een neurobiologische ontwikkelingsstoornis zoals autisme, verstandelijke beperking of cerebrale parese voelen zich vaak onvoldoende begrepen…