24 juni 2026

Junior VRA

Binnen de geneeskunde groeit de aandacht voor professionele ontwikkeling en ook binnen ons vak als revalidatiearts krijgt dit steeds meer waarde. In het nieuwe Landelijk Opleidingsplan (LOP) voor de revalidatiegeneeskunde ‘Samen Duurzaam in Beweging’ heeft professionele ontwikkeling dan ook een formele plaats gekregen als eindterm voor de opleiding tot revalidatiearts. Een kans die we als aiossen én opleidingsgroep met beide handen moeten aangrijpen!

Auteurs
L. (LARISSA) VAN DEN BOGAARD

Aios revalidatiegeneeskunde OOR-ZON en voormalig lid Junior VRA

Y.E. (YARA) GAST
Aios revalidatiegeneeskunde OOR-NO lid Junior VRA

De Nederlandse gezondheidszorg wordt steeds complexer; door ontwikkelingen zoals dubbele vergrijzing, schaarste in personeel en technologische veranderingen, maar ook door nood aan vergroening, preventie en duurzame inzetbaarheid. Om de medisch specialistische zorg in de toekomst toegankelijk, kwalitatief en betaalbaar te houden, heeft de Federatie Medisch Specialisten een toekomstvisie opgesteld, namelijk ‘Medisch Specialist 2035’.1 Hiermee hopen zij een bron van inspiratie te zijn voor alle betrokkenen in de zorg om te bouwen aan toekomstbestendige zorg met als drijfveren bevlogenheid, betrokkenheid en verbondenheid.

De VRA heeft deze toekomstvisie verwerkt in haar beleidsplan 2026-2036 om ook de revalidatiezorg voor te bereiden op de veranderingen in het revalidatielandschap.2 Professionele ontwikkeling is een competentie die perfect aansluit bij beide visies. Het omvat reflectie, communicatie, samenwerking en leiderschap; eigenschappen die nodig zijn om keuzes te kunnen maken voor de zorg van morgen. Het is daarom ook meer dan passend dat professionele ontwikkeling een eindterm is geworden voor de opleiding tot revalidatiearts.

Figuur 1. Kompas uit Medisch Specialist 2035 en VRA-beleidsplan 2026-2036.1,2

In de praktijk

Professionele ontwikkeling als eindterm lijkt in de praktijk voor aiossen – en waarschijnlijk ook voor opleiders en supervisoren – nog ongrijpbaar te zijn. Uit eigen ervaringen van de schrijfsters van dit artikel, maar ook bij navraag binnen de Junior VRA blijkt dit in verschillende opleidingsregio’s het geval. Dit is begrijpelijk, het gaat immers voornamelijk over soft skills; vaardigheden die minder zichtbaar en meetbaar zijn maar des te bepalender zijn voor het functioneren als arts. Deze vaardigheden werden eerder ook al belangrijk geacht tijdens de opleiding tot revalidatiearts. Vóór de introductie van de EPA’s werden namelijk onderdelen van professionele ontwikkeling ondervangen in de verschillende CanMEDS-rollen.3,4 De eindterm professionele ontwikkeling is daarmee geen nieuwe ontwikkeling, maar een herintroductie van competenties die in de huidige EPA’s minder concreet omschreven staan. Het moet daarom niet als extra belasting gezien worden, maar als mogelijkheid om jezelf als aios te versterken in je professionele identiteit; ‘Wat voor revalidatiearts wil ik zijn?’.

‘Wat voor revalidatiearts wil ik zijn?’

Het is belangrijk dat binnen regionale en lokale opleidingsregio’s gezamenlijk afspraken gemaakt worden over hoe professionele ontwikkeling vormgegeven kan worden. Om hierbij praktische handvatten te bieden, heeft de Junior VRA in 2025 een van haar speerpunten hierop gericht. Het resultaat is een Tips & Tricks-document waarin suggesties staan om met de verschillende vaardigheden en thema’s binnen professionele ontwikkeling aan de slag te gaan.5 Hierbij geldt de disclaimer dat deze suggesties uiteraard niet bindend zijn maar puur als inspiratiebron dienen.

Tips & Tricks

In het Landelijk Opleidingsplan (LOP) ‘Samen Duurzaam in Beweging’ zijn vijf thema’s van professionele ontwikkeling uitgelicht, namelijk persoonlijke ontwikkeling, bedrijfsvoering, eigenaarschap en eigen regie, samenwerken met andere specialismen en bekwaamheid in maatschappelijke thema’s. Enkele voorbeelden uit het Tips & Tricks-document vind je in tabel 1.

Bij de verschillende thema’s kunnen de eindproducten van de speerpunten van de Junior VRA van de afgelopen jaren goed van pas komen; ‘Zichtbaarheid van ons vak’, ‘Leefstijl en preventie binnen de revalidatie’ en ‘Financiering in de revalidatiezorg’ (te vinden op https://www.revalidatie.nl/commissies/junior-vra/;6,7,8). Daarnaast kan de organisatie van de eerste landelijke sportdag ‘Revalympics’ een voorbeeld zijn van een activiteit in het kader van samenwerking en vitaliteit.9

Het is belangrijk om ook te kijken hoe groei in professionele ontwikkeling vast te leggen is in het portfolio. Gerichte Klinische Praktijk Beoordelingen (KPB’s) over bijvoorbeeld een leefstijlgesprek of een triage met organisatorische aspecten kunnen hierbij gebruikt worden, maar ook 360 graden feedback kan waardevolle inzichten geven. Professionele ontwikkeling is een vast agendapunt tijdens voortgangsgesprekken maar hoeft niet alleen dan ter sprake te komen. Door het juist buiten deze periodieke momenten ook aandacht te geven, door de aios én de opleidingsgroep, blijft het onderwerp onder de aandacht en kan er ook gericht gewerkt worden aan professionele groei.

‘Revalidatiearts van de toekomst’

De kernboodschap is; maak professionele ontwikkeling bespreekbaar. Het is namelijk dé uitnodiging tot een dialoog waarbij je als aios de ruimte krijgt om stil te staan bij wie je bent als arts, waar je energie van krijgt, waar je tegenaan loopt en hoe je wilt groeien. Door het gesprek aan te gaan – met je opleider, supervisor of collega-aios – krijgt deze eindterm vanzelf meer vorm en betekenis. Hier ligt een grote rol voor de aiossen, maar tegelijkertijd ook voor de opleidingsgroep. De eindterm professionele ontwikkeling mag dus geen losstaande stip op de horizon zijn maar moet integraal verweven worden met curricula, begeleiding en evaluaties.

Aios in the lead

Hoewel professionele ontwikkeling nu nog voelt als een calimero tussen de andere eindtermen van de opleiding tot revalidatiearts, is het een ontwikkeling waar we als aiossen trots op moeten zijn. Niet als extra last maar als waardevolle stap vooruit naar de revalidatiearts van de toekomst. Het biedt de mogelijkheid om je als aios te verdiepen in vaardigheden en thema’s buiten het revalidatie-inhoudelijke spectrum. Hierbij doen wij dan ook de oproep aan alle aiossen om deze kans te grijpen en te kijken hoe professionele ontwikkeling binnen het eigen individuele opleidingsplan past. Het adagium ‘Denk groot, begin klein’ kan hierbij als uitgangspunt dienen maar moet zeker niet beperkend zijn!

Referenties

  1. Federatie Medisch Specialisten. (2025, 11 juli). Toekomstvisie: Medisch Specialist 2035 – bevlogen, betrokken en verbindend https://demedischspecialist.nl/nieuwsoverzicht/nieuws/toekomstvisie-medisch-specialist-2035-bevlogen-betrokken-en-verbindend
  2. Nederlandse Vereniging van Revalidatieartsen. (2025). VRA Beleidsplan 2026-2036. https://www.revalidatie.nl/wp-content/uploads/2025/11/VRA-Beleidsplan-2026-2036-definitief-okt-2025.pdf
  3. Royal College of Physicians and Surgeons of Canada (2015). CanMeds 2015 Physician Competency Framework.
  4. Concilium van de Nederlandse Vereniging voor Revalidatieartsen. (2020). BETER IN BEWEGING Landelijk Opleidingsplan Revalidatiegeneeskunde (3e editie).
  5. Junior VRA. (2025). ‘Professionele ontwikkeling’ als eindterm voor de revalidatiearts. https://www.revalidatie.nl/wp-content/uploads/2026/01/Tips-en-tricks-Professionele-Ontwikkeling-def_dec-2025.pdf
  6. Junior VRA. (2023). Leidraad: Zichtbaarheid van ons vak. https://www.revalidatie.nl/wp-content/uploads/2024/04/leidraad-zichtbaarheid.pdf
  7. Junior VRA. (2024). Leefstijl en preventie binnen de revalidatie. https://www.revalidatie.nl/wp-content/uploads/2024/11/VRA_zakkaartje_zelfvouwen.pdf
  8. Junior VRA. (2025). Financiering in de Revalidatie: Een factsheet. https://www.revalidatie.nl/wp-content/uploads/2026/01/Factsheet-financiering-in-de-revalidatie_def_dec-2025.pdf
  9. Rehabilitation Medicine Congress. (z.d.). Revalympics 2026. https://www.rehabilitationmedicinecongress.nl/event/revalympics-2026/ 

Trefwoorden: Aios, professionele ontwikkeling, praktijk